Wat blijft hetzelfde?

Er is straks nog steeds een nabestaandenpensioen. Dit is een pensioen voor je partner en voor je kinderen, zodat zij inkomen hebben als jij er niet meer bent. Voor je partner is er het partnerpensioen. Voor kinderen is er het wezenpensioen.

Wat verandert er?

Straks komt er één landelijke vorm voor de dekking van het partnerpensioen. Dit maakt het duidelijker en beter vergelijkbaar tussen werkgevers. Als je overlijdt voor je pensioendatum dan hangt nu de hoogte van de uitkering voor je partner af van je pensioengrondslag (je pensioengevende salaris minus het deel van je salaris waarover je geen pensioen opbouwt (19.172 euro in 2026)) en de verstreken en toekomstige dienstjaren tot je 68e. Straks is het een vast percentage van je laatstverdiende salaris. Het partnerpensioen dat je eventueel hebt opgebouwd tot en met 31 december 2022, blijft voor jou bestaan. Je partner heeft dus eventueel recht op twee delen uitkering, die we combineren tot één totale uitkering. 

Wat betekent dit voor je partner?

Overlijd je voordat je met pensioen gaat en ben je nog deelnemer bij ons? Dan ontvangt je partner, zolang hij of zij leeft, een uitkering van 35% van je salaris (tot 137.800 euro in 2026). Daarbovenop ontvangt je partner eventueel het partnerpensioen dat je vóór 2023 hebt opgebouwd. Je neemt dat bedrag mee naar onze nieuwe regeling en het gaat daar meebewegen met de economie. 

Als het nabestaandenpensioen eenmaal wordt uitgekeerd, dan kan de uitkering ieder jaar worden aangepast (naar beneden en naar boven). We hebben maatregelen ingericht om grote schommelingen van de uitkering te voorkomen zoals het spreiden van de beleggingsresultaten over drie jaar.

Mogelijk een hoger of lager pensioen voor je partner!

In de nieuwe regeling verandert de manier waarop we het partnerpensioen berekenen. Het is straks 35% van je salaris. Andere dekkingen zoals een tijdelijk partnerpensioen van maximaal circa 7.000 euro per jaar en - indien van toepassing - de vrijwillige ANW-hiaat verzekering komen te vervallen. Het is mogelijk dat je er in de nieuwe situatie op vooruit of juist op achteruit gaat. Bekijk voor jezelf of je de nieuwe dekking voldoende vindt. 


Zekerheid voor je kinderen

Overlijd je en zijn je kinderen jonger dan 25 jaar? Dan ontvangen zij een wezenpensioen. De hoogte per kind is 15% van je laatstverdiende salaris. Het bedrag dat je voor 2023 aan wezenpensioen hebt opgebouwd, ontvangen ze ook. 


Hieronder lees je meer over de veranderingen in het nabestaandenpensioen. 

Het nabestaandenpensioen beweegt ook mee

Het nabestaandenpensioen dat je eventueel hebt opgebouwd tot 2023 en bij ons gereserveerd staat voor je partner en/of kinderen, gaat meeverhuizen naar de nieuwe pensioenregeling. Het gaat straks meebewegen met de economie, net zoals jouw eigen ouderdomspensioen. Gaat het goed met de beleggingen en stijgt bijvoorbeeld de rente? Dan groeit het pensioen sneller mee. Gaat het minder goed? Dan kan het ook sneller dalen. Het volgt dus directer de ontwikkelingen op de financiële markten. 

Na jouw overlijden ontvangen je partner en eventuele kinderen hieruit een nabestaandenpensioen. De uitkering van je partner of kind kan ieder jaar worden aangepast (naar beneden en naar boven). De aanpassing gebeurt op basis van de behaalde resultaten. 

Het partnerpensioen na pensionering

Als je met pensioen gaat dan zet je je pensioenpot om in ouderdomspensioen en een partnerpensioen. Standaard is het partnerpensioen dan 70% van het ouderdomspensioen. Je kunt zelf een andere verhouding kiezen. Beide pensioenen blijven ook na pensionering meebewegen met de economie. Na pensionering is er geen wezenpensioen meer.


Note: 
Op deze pagina gebruiken we omwille van de begrijpelijkheid het woord salaris. Daarmee bedoelen we het pensioengevende salaris. Dat is je jaarinkomen inclusief vakantiegeld en eventueel ploegentoeslag en 13e maand. In het pensioenreglement vind je wat er precies onder valt bij jouw werkgever. Het maximum salaris is 137.800 euro (in 2026).